3-cushion

De geheimen van het driebanden

Een leerling van mij zei ooit: ik zal nooit drieband spelen. Kader is veel moeilijker dan drieband en het is veel technischer. Je mag geen seconde je concentratie verliezen want als je mist, dan kan je tegenstrever met een grote reeks uitspelen. Ik heb wijselijk gezwegen.

Drieband is zonder meer de koninginnediscipline van de biljartsport. De variatie aan figuren is onuitputtelijk. In de 50 jaar dat ik biljart heb ik nog nooit, tijdens een match, de ballen gekregen op de acquitpunten. Dat zegt genoeg qua variatie.

Hoe word je een wereldtopper? 

  1. Enorm veel trainen. Myung Woo Cho, Koreaan en geboren in 1998, heeft geen schroom om te zeggen dat hij dagelijks tot 12u biljart.
  2. De juiste technieken aanleren van jongsaf aan. Wat verandert er bij hoger of lager afstoten, meer of minder effect, bal 2 dikker of dunner aanspelen, harder of zachter, lange of korte afstoot, achterhand heel vlak of toch wat geheven, …  
  3. Kennis van de looplijnen. Diamondsystemen kunnen je daarbij helpen, maar mogen nooit de bovenhand nemen.
  4. Discipline. Daarmee bedoel ik een bepaalde figuur terugleggen tot je die helemaal beheerst. 
  5. Stressbestendig zijn. Wie kan zeggen dat hij nog nooit de acquit heeft gemist? EM miste in 2020 tijdens de challenges 1x op… 115 pogingen. Niemand doet beter.
  6. Je moet het spelletje graag spelen. Biljarten is een verslaving, maar dan in de goede zin van het woord.
  7.  Het is een gave. Misschien, maar zonder trainen kom je daar niet ver mee.
Hieronder vinden jullie enkele ‘geheimen’ van het driebanden. Veel succes.

Recht afstoten, dé basis van het biljarten.

Regel nummer 1: recht afstoten. Dit is de enige manier om de speelbal op de juiste hoogte én met het juiste effect te raken.  Tevens is het een garantie dat je bal 2 raakt met de gewenste dikte. Factoren die een rol spelen:

  1. Sta in balans aan het biljart.
  2. Spring niet recht nadat je hebt afgestoten, maar blijf een paar seconden 'liggen' op het biljart.
  3. De combinatie van de bewegingen van de onderarm en pols (om meer energie/spin te kunnen geven aan de speelbal) is 'tricky'. Ook in extreme omstandigheden (vb zware zesbander) moet de afstoot recht zijn.
_JH Cho recht afstoten

Bewaar het overzicht door afstand te nemen van de tafel

Ook al ondervonden dat, als je kijkt naar een biljartreportage op TV of PC, dat de spelers meestal een makkelijke figuur krijgen? In werkelijkheid is dit niet zo, maar doordat je het biljart vanop afstand bekijkt, lijkt alles makkelijker. Zo ook aan de tafel: ga een stapje achteruit om te bepalen hoe je een figuur zal spelen.

Horn neemt afstand van het biljart

Er zijn veel oplossingen voor iedere figuur. Maak de juiste keuze.

Beslis niet te snel. Iedere figuur kan op meerdere manieren worden opgelost.  Velen zien een oplossing en zoeken niet meer verder. Dit is niet OK. Je kan, als je wat verder van de tafel staat, snel even kijken naar oplossingen links en rechts van geel én van rood. Minstens 4 klassieke figuren dus (over 3, 4 of 5 banden), aangevuld met een of meerdere oplossingen, zoals 'accordeon', losband...  Misschien zijn er wel figuren die je graag speelt. Dat kan de doorslag geven, maar mag niet bepalend zijn!

Bekijk even een volledige biljartmatch van een topspeler. Bepaal hoe jij de figuur zou oplossen (druk eventueel op de pauze-knop) en kijk dan hoe zij de figuur oplossen. Wedden dat zij in meer dan de helft van de figuren een andere keuze maken?

Landscape biljart

Bepaal de looplijn van de bal na contact met bal 2

De looplijn is het parcours dat de speelbal volgt vanaf het 'vertrek' richting bal 2, dan richting 1ste band en dan verder tot het punt gemaakt is. Dé kunst is om bal 2 zodanig aan te spelen met het juiste tempo dat de speelbal deze lijn volgt. Topspelers weten al na de 1ste band of het punt gemaakt is of niet!

Hoe bepaal je de looplijn? Veel biljarters spelen op het gevoel, maar de looplijn kan ook uitgerekend worden via één van de vele diamondystemen (Van Kuyk, Verworst, Tüzül,...) Aan u de keuze.

_Bury looplijn bepalen

Tijdens het 'limeren' voelen of je in de juiste looplijn speelt

Eens de looplijn bepaald is kan de voorbereiding van de afstoot beginnen. Tijdens het 'limeren' wordt er 'gevoeld' of je in de vooropgestelde looplijn speelt. Dit is het moment om te corrigeren. Misschien iets dikker of dunner te spelen (vermijden klos,...), harder of juist zachter, meer of minder effect, hoger of lager, korte of lange afstoot, ... Voel je het punt niet of denk je dat er klosgevaar is, stel je opnieuw recht, bekijk de looplijn opnieuw of verander van oplossing om het punt te maken.

_Blomdahl voelen tot het punt gemaakt is

Waar kijk je naar tijdens de voorbereiding van de afstoot

Ik heb dit item al vernoemd op mijn pagina 'seriedisciplines'. Bij het korte spel kijk je bij het afstoten naar de speelbal.

In drieband is het andersom. Tijdens het 'limeren' kijk je afwisselend naar de speelbal (bepalen van de hoogte én hoeveelheid effect) en naar bal 2 (bepalen van de dikte). Daarbovenop moeten we voelen of we in de juiste looplijn spelen. Dus kijken we ook naar het virtueel raakpunt van onze bal op de 1ste band.

Bij de afstoot kijken we niet naar de speelbal (want als we recht afstoten weten we waar we de speelbal zullen aanstoten) maar naar bal 2.

Halve bal natuurlijke looplijn

Maak bal 3 zo groot mogelijk

Alle ballen zijn toch even groot, of niet? Nee. Je kan kiezen voor een oplossing waarbij de trefkans groter wordt.

  1. Bal 3 ligt bijna tegen de band. De figuur is simpel, een driehoekje maar de slaagkans is klein. Met wat oefenen speel je dergelijke figuren in 'développé', bal 2 dik met veel effect en traag aankomen thv de 3de band.
  2. Bal 3 ligt 20cm uit de hoek en je krijgt een rondspeelbal. Je creëert jezelf een 2de kans door niet te spelen om bal 3 vol te raken, maar half aan de zijde waar je een bijkomende kans hebt (kort draaien in de hoek of in de 'carré).
  3. Bal 3 ligt in de omgeving van de 2de diamond op de lange band en je hebt een lange vierbander. Misschien is er hier ook een dubbele kans als je 'te lang' mist, maar via 7 banden het punt toch kan maken.
  4. Waarom geeft EM soms de voorkeur aan een accordeon ipv het driehoekje te spelen? 
Bal 3 groter maken (Medium)

Aanvallen ! Hoe doe je dat en wat zijn de valkuilen

Met aanvallen bedoel ik eigenlijk spelen op 'plaatsing'. Je kan geen 2 gemiddelde spelen als je geen reeksen maakt van 7 en meer. Iedere topspeler heeft zijn eigen stijl. Toch zijn er een paar tips die, alhoewel niet toepasbaar op ieder punt, toch algemeen aanvaard zijn:

  1. Blijf dicht (maar niet te dicht !) bij bal 3. Het voordeel is dat je voor het volgend punt minstens één bal hebt die je perfect op dikte kan aanvallen, want die ligt dichtbij. Bijkomend voordeel: als je 'sterft' bij bal 3 gaat speelbal moeilijker achterom.
  2. Plaats bal 2 in een gunstige zone. In volgorde van voorkeur: in het midden van het biljart of in een hoek (maar zeker niet te dicht)
  3. Vermijd de verboden zones om een bal te plaatsen, dit is dicht in een hoek, dicht bij een band en vooral in de omgeving van de korte banden.
  4. Geef meer tempo als je niet zeker bent dat je de verboden zones kan ontwijken. 
  5. Eigenlijk is dit regel nummer 1 om een grote serie te maken: maak het punt !

Torbjörn Blomdahl, jarenlang nr. 1 van de wereld, heeft ooit tijdens zijn trainingssessies een aantal figuren 20x gespeeld. 10x speelde hij het punt 'op plaatsing' en 10x speelde hij tamelijk hard. Het resultaat was verbluffend: bij hard spelen had hij meer kans om het volgend punt te maken. 

Verboden zones (Medium)

Verdedigen. Is dit wel verstandig?

Aanvallen is heel belangrijk. Het doel van het spelletje is punten maken zodat je als eerste de eindmeet overschrijdt.

Beletten dat jouw tegenstrever punten scoort is een belangrijk onderdeel van het moderne biljarten. Waar ligt het evenwicht?

  1. Bij een makkelijk punt speel je geen verdediging
  2. Bij een moeilijk punt speel je ook om het punt te maken, maar met verdediging in het achterhoofd. Maar hoe doe je dat?

In 70% van de gevallen waar bal 2 en bal 3 in de omgeving van een korte band liggen en waar speelbal aan de andere kant van de tafel ligt, spreken we van 'carotte' (verdediging). 

  1. Als de rode bal 3 in de omgeving van een korte band ligt, spelen we op geel en 'op lengte' zodat onze bal in de omgeving van rood blijft liggen en zorgen ervoor dat geel (wordt de bal van de tegenstrever is) aan de andere kant van de tafel blijft.
  2. Als de gele bal  in de omgeving van de korte band ligt, dan spelen we op rood en met voldoende lengte, zodat zowel de rode als onze bal bij een misser teruglopen naar de overkant van de tafel.
Verdediging (Medium)

Positief denken, de weg naar succes

Je wentelen in zelfbeklag helpt je geen stap vooruit. "Waarom heeft hij al het geluk van de wereld en heb ik zoveel tegenslag". Je gaat schuddebollend naar jouw stoel en blijft maar mokken.

Een journalist vroeg eens aan Frederic Caudron: wat is het moeilijkste van het biljartspel? Na enige reflectie zei Fred: "Aanvaarden dat je een makkelijke bal gemist hebt, dit achter jou laten en positief terug aan de tafel komen".

Zelfs op jouw stoel moet je zelfvertrouwen uitstralen, niet alleen om jezelf op te peppen, maar ook om jouw tegenstrever niet de indruk te geven dat je de handdoek gooit.

De kracht van het positief denken: bal 3 ligt 15cm van de korte band, je krijgt een makkelijke driebander maar er is wat werk aan. Als je dit punt aanvalt met het idee: hij zal toch niet achterom gaan hé. Wel, veel kans dat je dit punt mist. Spelen naar de 'zone' is in dit geval het slechtste dat je kan doen. Maak vooraf de keuze: rechtstreeks over 3 banden of over 4 banden (LKLK of zelfs LKLL in de carré).

Niet spelen naar de zone (Medium)